Blog Post 26 Aug 2026

Dynamo Metalfest 2026 - Zaterdag: Stof happen en blijven gaan.

Geschreven door: Nicky

Als al het zwarte stof en de bijbehorende zwarte snotjes van vrijdag uit onze neus zijn gespoeld, de schoenen weer enigszins toonbaar zijn gemaakt en een flinke laag warme spierbalsem de nekspieren heeft overtuigd dat ze vandaag toch echt weer aan de bak moeten, zijn we klaar voor dag twee van Dynamo Metalfest.

Het weer heeft gelukkig besloten vandaag iets minder ambitieus te zijn. Nog steeds warm, maar niet meer van het niveau waarbij je jezelf langzaam medium rare voelt. Er hangt wat bewolking en er wordt zelfs een spatje regen verwacht. Ponchowaardig? Ik gok van niet en heb deze dus gewoon thuisgelaten. Na de hitte van de afgelopen tijd kunnen we echt wel tegen een druppeltje water. We zijn tenslotte metalheads, geen suikerklontjes.

Ook vandaag verloopt de entree soepel. Even langs de pers kassa voor de benodigde bandjes en vervolgens binnendoor richting de ijsbaan. Vrijdag was nog overzichtelijk. Zaterdag kijkt Dynamo eens vriendelijk naar dat woord en besluit er vervolgens helemaal niets mee te doen. Veertien bands. Twee podia. Vanaf het middaguur pingpongt het programma vrijwel onafgebroken tussen Mainstage en KINK Distortion Stage. Wie alles wil zien, krijgt vandaag behalve een muzikale ook een licht atletische uitdaging.

Om twaalf uur mag Damnation de zaterdag aftrappen op de KINK Distortion Stage. Die plek heeft de jonge band niet cadeau gekregen. In april won Damnation de Dynamo Metalfest Bandbattle en daarmee werd dit half uur op het festival verdiend. Het terrein begint zich inmiddels alweer gezellig te vullen. Nog niet zo druk als gisteren, maar de band hoeft bepaald niet voor een handjevol verdwaalde vroege vogels te spelen. Bovendien is het vandaag ook nog eens de cd-presentatie van Damnation. Geen verkeerde plek om dat feestje te vieren.



Vanaf het begin gaat het tempo behoorlijk omhoog. Damnation staat hier niet om voorzichtig kennis te maken met Dynamo, maar trekt meteen vol gas van leer. Het publiek laat zich niet onbetuigd: de eerste moshpits, circlepits, wall of deaths en crowdsurfers van de dag zijn al snel een feit. Jawel, daar is ook onze oude bekende weer: de Dynamo-stofwolk.
In de pit blijkt ondertussen wederom ruimte voor een potje Twister. Het blijft bijzonder welke nevenactiviteiten er tijdens een moshpit allemaal mogelijk blijken te zijn. Ik ben nu al benieuwd wat er volgend jaar wordt verzonnen. Bingo? Koekhappen? Een workshop macramé tussen twee circlepits door? Hoe dan ook: Damnation heeft die plek op Dynamo absoluut verdiend.

Vijf minuten later vraagt de Mainstage alweer onze aandacht en mogen we meteen door met The Cost. Met Jorge Garrido, online beter bekend als El Estepario Siberiano, heeft het trio natuurlijk een behoorlijke blikvanger achter het drumstel zitten. Zijn technische drumvideo's hebben hem een gigantisch publiek opgeleverd, maar een festivalpodium is geen filmpje dat je nog even opnieuw opneemt als het niet helemaal naar wens gaat. De vraag is dus vooral of we straks over The Cost praten, of alleen over hun drummer. Dat antwoord laat niet lang op zich wachten.

Ja, het drumwerk is indrukwekkend. Heel indrukwekkend zelfs. Maar The Cost staat vooral gewoon als band als een huis. Peter Connolly is uitstekend bij stem en de set zit strak en gelikt in elkaar. Het is bovendien lekker toegankelijke muziek die niet eerst drie keer door een muzikale gebruiksaanwijzing hoeft voordat je ervan kan genieten. Mee Stampen gaat vanzelf en overal op het inmiddels gezellig gevulde veld verschijnen knikkende hoofden.
Zelfs een crowdsurfende dinosaurus komt voorbij. Want Dynamo.
Wat onderlinge interactie tussen de muzikanten had voor mij persoonlijk nog wel wat meer gemogen. Ik vind het altijd leuk als bandleden elkaar op het podium opzoeken en zichtbaar samen plezier maken. Muzikaal valt er daarentegen weinig te klagen. Zeker wanneer de bas ineens een veel prominentere rol krijgt, zoals in The Bricklayer. Dan hoor je pas hoe lekker zo'n bas kan grooven.

Er vallen ondertussen zowaar een paar druppels regen. Maar voordat iemand enthousiast zijn denkbeeldige poncho kan aantrekken, is het alweer voorbij. Muggenzeik. De druppels lijken verdampt voordat ze überhaupt de grond kunnen raken. Wanneer The Cost vraagt of we nog zin hebben in één laatste nummer, komt er een behoorlijke respons vanaf het veld. Met Not For Me wordt de set afgesloten en voordat de band het podium verlaat, moet natuurlijk nog even de traditionele foto met het publiek worden gemaakt. Doet het altijd goed.

Voor Tailgunner gaan we vervolgens terug in de tijd zonder daadwerkelijk een stel veteranen op het podium te zetten. De jonge Britten hebben de klassieke heavy metal en NWOBHM met beide handen vastgepakt en lijken absoluut niet van plan die nog los te laten.
Alles klopt aan het plaatje. De oldschool outfits (inclusief de ietwat allesverhullende strakke broeken), de kapsels, de dubbele gitaren en zelfs de aankleding van het podium. Aan de microfoonstandaard is gedacht: in de voet prijkt de bandnaam. Zo'n klein detail waar je als fotograaf dan weer vrolijk van wordt.

Maar alleen een mooi plaatje is natuurlijk niet genoeg. Gelukkig staat Tailgunner ook vol energie te spelen. Moshpits en circlepits hoeven niet eens aangevraagd te worden; die ontstaan vanzelf. Het spijkerjack is misschien nooit écht uit de mode geweest, maar Tailgunner bewijst vooral dat klassieke heavy metal ook bij een nieuwe generatie uitstekend op zijn plek is.

Daarna worden de schroeven een behoorlijk stuk verder aangedraaid met Fit For An Autopsy.De band komt voort uit de deathcore, maar dat etiket alleen is inmiddels te beperkt. Deathmetal, groove en atmosferische passages hebben steeds meer ruimte gekregen en live raast Fit For An Autopsy zonder pardon als een bezetene door de set.




Dat we hier met één van de publieksfavorieten van vandaag te maken hebben, wordt snel duidelijk. Het veld staat inmiddels behoorlijk vol en dat betekent automatisch dat de menselijke luchtbrug richting de barrière geopend kan worden. Crowdsurfers. Heel. Veel. Crowdsurfers. Natuurlijk is Luuk ook weer van de partij. Het jochie dat vorig jaar zelfs het NOS Journaal haalde met zijn indrukwekkende hoeveelheid crowdsurfs op Dynamo, weet ook vandaag weer precies waar hij moet zijn. Het blijft fantastisch om die jonge honden compleet los te zien gaan en ogenschijnlijk geen genoeg te krijgen van het crowdsurfen.
Om eerlijk te zijn: ik snap hem wel. Als klein manneke is het uitzicht bovenop zo'n mensenmassa waarschijnlijk een stuk indrukwekkender dan wanneer je vooraan tegen een barrière staat aan te kijken.

Na Fit For An Autopsy is het tijd voor Necrot, dat iets doet wat soms verrassend lekker kan zijn: deathmetal spelen zonder dat daar een gebruiksaanwijzing van vijftien pagina's bij geleverd hoeft te worden. Het trio uit Oakland klinkt rauw, direct en precies zoals je van een deathmetalband mag verwachten. Het tempo blijft erin en even rustig ademhalen zit er niet echt bij. Gas op die krukas.

Datzelfde motto wordt ondertussen in de pit gehanteerd. Hoe je kunt zien waar precies de actie plaatsvindt? Heel eenvoudig: zoek de enorme oprijzende stofwolk en ergens daaronder bevinden zich waarschijnlijk moschende mensen.
Het terrein is inmiddels aan het transformeren in een gigantische zandbak. Een paar emmertjes, schepjes en vormpjes zouden eigenlijk niet misstaan. Misschien een idee voor de festivalmerch van volgend jaar? Een officieel Dynamo-zandbaksetje.




Van relatief jong geweld gaan we vervolgens naar ruim veertig jaar thrashgeschiedenis, want op de Mainstage staat Overkill.
Sinds 1980 draait deze Amerikaanse thrashmachine mee en vooral Bobby “Blitz” Ellsworth is nog altijd uit duizenden herkenbaar. Die stem snijdt ook vandaag weer probleemloos door alles heen. Voor thrashbegrippen is Blitz prima bij stem, al zou een Fisherman's Friend tussendoor misschien ook geen overbodige luxe zijn. Maar hé, juist dat schurende randje hoort inmiddels bijna bij het meubilair.

Aan energie ontbreekt het in ieder geval niet. Overkill houdt de vaart stevig in de set en dat begint zo langzamerhand de rode draad van deze zaterdag te worden. Niemand lijkt vandaag van plan om ons ook maar een minuut rust te gunnen. Het Dynamo-publiek smult zichtbaar van deze oude rotten. Er wordt gebeukt, meegeschreeuwd en vooral genoten. Ruim vier decennia onderweg of niet: er zit nog meer dan voldoende gif in deze tank.

Daarna mag de Britse heavyscene zich melden met Employed To Serve.
Wie Justine Jones voor het eerst rustig op het podium ziet staan, zou zomaar op het verkeerde been gezet kunnen worden. Ze ziet er lief en schattig uit. Totdat ze haar mond opentrekt. Wat. Een. Geluid. Alsof deze dame ergens een bouwvakker van twee meter hoog en één meter breed in haar broekzak heeft zitten en hem op commando naar buiten laat brullen. Justine is een brulboei van de buitencategorie en haar grunts werken verrassend goed samen met de cleane vocalen.

Samen met Sammy Urwin en de rest van de band wordt er een enorme hoeveelheid energie het podium over geslingerd. Die blijft daar uiteraard niet liggen. Wat Employed To Serve geeft, komt vanaf het publiek minstens zo hard terug. Geen ingewikkeld gedoe, geen lange warming-up: gewoon de stekker erin en gaan.

Ook Bleed From Within hoeft zich inmiddels niet meer voorzichtig voor te stellen aan Dynamo. De Schotten hebben zich de afgelopen jaren steeds nadrukkelijker naar voren gewerkt binnen de moderne metal en met Zenith uit 2025 hebben ze opnieuw een plaat op zak waarin groove, melodie en metalcore stevig met elkaar worden verweven.

De vorige keer dat Bleed From Within hier stond, vertelde Scott Kennedy nog dat zijn stem het aan het einde van de tour behoorlijk had gehad. Vandaag wordt daar niet naar verwezen. Eerlijk gezegd hoeft dat ook niet.
Kennedy klinkt als een ouderwetse brulboei en staat deze keer in kilt op het podium. Want zeg nou zelf: wat is een Schot zonder kilt? Ik vind het wel iets hebben.
Voor het podium ontstaat ondertussen een complete zee van crowdsurfers, opblaas bananen en strandballen. Dynamo heeft duidelijk besloten dat georganiseerde chaos ook gewoon een volwaardige festival discipline is. Bij het op twee na laatste nummer krijgt Bleed From Within versterking van gastzanger Josh die we kennen van de band Sugar Spine. Samen klinken de heren behoorlijk bruut. Ook aan pyro's is geen gebrek. Sterker nog: zelfs tot op de Inner Circle-tribune is de petroleum te ruiken.

Daarna verandert de sfeer volledig wanneer Castle Rat aantreedt. Castle Rat komt niet simpelweg een paar doomriffs afleveren. Rond Riley Pinkerton, alias The Rat Queen, is een compleet fantasy-universum gebouwd waarin muziek en theater voortdurend door elkaar heen lopen. The Rat Queen, The Count, The Plague Doctor en The Druid: alleen de namen maken al duidelijk dat we even een compleet andere wereld binnenstappen.
Doom, klassieke heavy metal en invloeden uit de jaren zeventig vormen de soundtrack bij een optreden dat soms meer wegheeft van een kleine fantasyvoorstelling dan van een doorsnee metalshow.

Er verschijnt zelfs een “God” die uiteindelijk een vrouw blijkt te zijn en ook nog een soort semi-paaldansact uit de hoge hoed trekt. Je kunt in ieder geval niet zeggen dat er niets gebeurt. Juist die theatrale aanpak in combinatie met de seventies invloeden zorgt voor een heel aparte sfeer. Castle Rat is daarmee voor mij absoluut één van de vreemde eenden in de bijt van deze zaterdag.

Maar vreemd hoeft op Dynamo natuurlijk helemaal geen belediging te zijn. Dat wordt vervolgens nog eens onderstreept door Primus.
Er zijn bands waarbij je drie genres noemt en vervolgens redelijk tevreden achterover kunt leunen. Bij Primus heb je na drie genres vooral het gevoel dat je nog niet eens begonnen bent. Funk, progressieve rock, alternative, metal en een flinke hoeveelheid complete eigenzinnigheid draaien allemaal rond het onnavolgbare basspel van Les Claypool. Uiteindelijk klinkt Primus vooral als Primus.

Het veld staat ramvol en Too Many Puppies kan rekenen op flink wat bijval. In de moshpit wordt enthousiast met de voeten gestampt. Later maakt Claypool het plaatje nog wat vreemder door een varken masker op te zetten. Alsof dat nog niet genoeg is, verschijnt ook een cello die hij bespeeld.

Eerlijk is eerlijk: je moet ervan houden. Volgens mij bestaan er bij Primus maar twee smaken. Je vindt het fantastisch of je vraagt je gedurende de hele set af wat je in hemelsnaam aan het bekijken bent. Veel ruimte ertussen lijkt er niet te bestaan. Het Dynamo-publiek behoort vandaag duidelijk tot de eerste categorie als ik het veld zo bekijk. Dit staat afgeladen vol.

Vandaag is dan ook uitverkocht. Voor wie iemand enthousiast “Primus sucks!” hoort roepen en denkt dat de sfeer ineens omslaat: geen paniek. Bij Primus is dat zo ongeveer een liefdesverklaring. Wanneer bij Holy Diver ook nog Mark Osegueda van Death Angel komt meedoen, heeft deze toch al eigenzinnige set er weer een bijzonder moment bij.

Van de muzikale kronkels van Primus gaat het vervolgens naar Oostenrijkse crossoverthrash met Insanity Alert. Rustig wordt het daar bepaald niet van.
Deze band is één brok energie en vooral frontman Heavy Kevy stuitert voortdurend over het podium. Voor wie desondanks niet helemaal begrijpt wat er van hem of haar wordt verwacht, heeft hij gelukkig hulpmiddelen meegenomen. Bordjes met daarop geschreven: Dynamo GVD, Let's Circle Pit.  Of gewoon lekker duidelijk: Mosh! Je hoeft hier geen hogere wiskunde voor gestudeerd te hebben om te begrijpen wat er dan van je verwacht wordt.
Voor het podium verandert de boel dan ook in totale chaos. Maar wel het soort chaos waar je met een grote grijns naar staat te kijken. Insanity Alert neemt zichzelf duidelijk niet bloedserieus, maar ondertussen staan de riffs gewoon stevig overeind.

Dan is het tijd voor Slaughter To Prevail. Voor mij persoonlijk is dit de eerste live kennismaking met de band en alleen het podiumbeeld maakt al duidelijk dat ze niet van plan zijn om geruisloos voorbij te komen. Een enorme grizzly domineert het decor, volledig passend bij het in 2025 verschenen GRIZZLY. Combineer dat met de inmiddels bekende maskers van de band en het plaatje is compleet.



Dan heb je ook nog frontman Alex Terrible. Blijkbaar heeft deze beste man zijn artiestennaam niet voor niets gekregen. Ik sta werkelijk met verbazing te luisteren naar de geluiden die hij ergens vanuit zijn tenen omhoog weet te trekken. Grunts waarmee je volgens mij zonder al te veel moeite een middelgroot flatgebouw kunt laten ontruimen. Helemaal bizar wordt het wanneer blijkt dat hij zelfs zonder microfoon met behoorlijk volume over het podium heen kan brullen. Dat is geen stem meer. Dat is een natuurverschijnsel. Vooraf is Slaughter To Prevail voor mij vooral een naam die ik natuurlijk ken. Na afloop van de set staat de band op mijn lijstje met acts die ik absoluut nog een keer live wil zien wanneer ze in de buurt komen. Daarmee hebben we meteen mijn band van de dag te pakken.

Alsof er daarna nog niet genoeg geweld over de ijsbaan is geraasd, moet de afsluiter nog komen. Om 22.25 uur is het aan Lamb Of God om de zaterdagboeken dicht te slaan.
Met albums als As the Palaces Burn, Ashes of the Wake en Sacrament heeft de band uit Richmond een enorme stempel gedrukt op de Amerikaanse metal van deze eeuw. Tegelijkertijd leeft Lamb Of God bepaald niet uitsluitend van het verleden, want met Into Oblivion verscheen in maart nog splinternieuw materiaal. Randy Blythe blijft daarbij het rusteloze middelpunt.

Al moet ik nog steeds wennen aan Randy met korte haren. Na al die jaren met die karakteristieke dreads voelt het een beetje alsof iemand zonder overleg het logo van je favoriete biermerk heeft veranderd. Het klopt vast allemaal, maar je moet er toch iedere keer even naar kijken. Aan zijn energie is gelukkig helemaal niets veranderd.
Blythe stuitert van de ene kant van het podium naar de andere en weer terug, terwijl de gitaren erachter een massieve muur optrekken. De lichtshow past perfect bij het geweld op het podium en voor het podium wordt nog één keer alle resterende energie uit de Dynamo-bezoekers geperst. Wall of deaths, moshpits en alles wat daar tussenin past: het publiek gaat nog één keer vol gas.

Na veertien bands zou je verwachten dat ergens het lampje “reserve” inmiddels is gaan branden. Niet bij Dynamo. Hier wordt gewoon doorgebeukt totdat iemand daadwerkelijk zegt dat het klaar is. Helaas komt dat moment onvermijdelijk. Het gevreesde laatste nummer wordt na een set van ruim een uur ingezet en daarmee loopt ook de tweede festivaldag ten einde.

Veertien bands. Twee podia. Ontelbare crowdsurfers. Een dinosaurus. Opblaas bananen. Strandballen. Een Rat Queen. Een varkensmasker. Genoeg stof om thuis waarschijnlijk nog een bescheiden zandbak mee te vullen en ergens tussendoor ook nog een paar druppels regen die de grond vermoedelijk nooit hebben gehaald.

Muzikaal gaat mijn winst van de dag naar Slaughter To Prevail. Mijn eerste live kennismaking en meteen eentje die ervoor zorgt dat ik ze een volgende keer zonder twijfel opnieuw wil zien. The Cost mag zich mijn ontdekking van de dag noemen: binnengekomen met een drummer die online al wereldberoemd is, maar vertrokken is als een band waarvan vooral het totaalplaatje is blijven hangen.
Castle Rat? Die krijgt zonder twijfel de prijs voor de vreemde eend in de bijt. Al vermoed ik dat The Rat Queen daar helemaal geen probleem mee zou hebben.

Tijd om het stof weer uit oren, neus en waarschijnlijk plekken waarvan we morgen pas ontdekken dat daar überhaupt stof kon komen, te spoelen.
Wie nu denkt lekker uit te kunnen slapen, heeft blijkbaar het programma voor zondag niet bekeken. Cwfen begint om 11.20 uur hun set wat voor de meesten vroeg is voor een derde en laatste festival dag. 

Stay tuned!


Deel dit artikel